Help! Mijn kind heeft faalangst!

Alle leerkrachten, ook bij ons op school kennen wel kinderen die min of meer faalangstig zijn. Zelfs bij de kleuters wordt er al over faalangstige kinderen gesproken. Tijdens oudergesprekken ervaren we dat ouders soms met hun handen in het haar zitten. Help! mijn kind heeft faalangst! Wat moet je doen als je ervaart dat je kind onzeker is over zijn of haar kunnen en soms zelfs zo onzeker dat hij maar niet aan een activiteit begint, omdat hij denkt dat hij het toch niet kan?

In dit blog zal ik uitleggen hoe het kan gebeuren dat een kind faalangstig wordt en vooral hoe je het kan voorkomen, hoe je het op tijd ontdekt en welke oefeningen faalangstige kinderen weer zelfvertrouwen geven.

Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan!

Pipi Langkous

Wat is faalangst

Help! Mijn kind heeft faalangst! Kind op trap

Letterlijk betekent faalangst, angst om te falen. Je weet dat je kind het wel kan, maar doordat hij denkt dat het te moeilijk voor hem is blokkeert hij en zal het resultaat onvoldoende zijn. Soms is de blokkade zo groot dat hij er zelfs helemaal niet aan begint. Veel mensen herkennen in meer of mindere mate wel iets van faalangst. Heb je weleens in het openbaar moeten spreken, dan heb je misschien ook wel meegemaakt dat je even een black out had en je eerst naar je aantekeningen moest kijken om weer op gang te komen.

Voor kinderen is het hebben van weinig zelfvertrouwen en het faalangstig zijn, een rem voor de ontwikkeling.

Hoe herken je faalangst bij je kind?

Iemand kan op verschillende gebieden faalangst hebben. Op school zien we vaak kinderen die zich met de gymnastiek zelfverzekerd gedragen, omdat ze weten dat ze hierin goed zijn. Dezelfde kinderen kunnen in de klas juist een onzeker en geblokkeerd gedrag laten zien, omdat ze denken dat ze dit niet kunnen.

Een kind dat faalangst ervaart kan dit op verschillende manieren uiten.

  • snel extreem boos worden als hij een probleem ervaart
  • dichtslaan en zich heel ongelukkig voelen
  • snel opgeven
  • hoofdpijn, buikpijn, duizelig

Faalangstig op sociaal gebied.

Als je kind faalangstig is op sociaal gebied, kan hij dit op verschillende manieren laten zien.

  • weinig of geen vrienden hebben, omdat hij moeilijk vrienden durft te maken maken. Hij zal het moeilijk vinden op zich tussen een groepje leeftijdsgenootjes te mengen.
  • een onverschillige houding aan gaan nemen.
  • zich terug trekken en misschien zijn sociale contacten gaan zoeken op internet.
  • overdreven verlegen worden
  • clownesk gedrag gaan vertonen in het bijzijn van anderen.

Bij sociale faalangst is een goed gesprek belangrijk. Speel samen met je kind met bijvoorbeeld lego friends en kom op deze manier achter zijn problemen. Ook kan je samen met de figuren van lego op deze manier tot oplossingen komen.

Faalangstig op cognitief gebied.

  • overdreven goed leren en voorbereiden
  • juist afhaken, omdat hij denkt dat het toch mislukt
  • onder zijn niveau presteren
  • niet naar school willen
  • schoolziek zijn

Een beetje faalangst is geen probleem, want gezonde spanning zorgt ook voor goede prestaties. Het wordt wel een probleem als je kind er zoveel last van krijgt dat hij en zijn prestaties er onder gaan leiden.

Wanneer ontstaat faalangst?

Vaak ontstaat faalangst al op jonge leeftijd, zelf bij de kleuters merk ik al weleens dat een kind te kritisch is op zijn eigen werk en soms zelfs niet aan iets begint, omdat hij denkt dat het te moeilijk zal zijn. Daarom is het belangrijk een jong kind altijd te laten ervaren dat een fout niet erg is en dat hij de kans krijgt om te laten zien dat hij iets wél kan. Het gebeurt regelmatig dat kinderen faalangst ontwikkelen in groep 3 en 4. Vaak belasten we onbedoeld het kind met de indruk dat het leren in groep 3 begint. Dan moet het gaan rekenen, lezen en schrijven. Dan wordt er veel van hem verwacht en mag hij geen fouten maken. Ook als het kind ouder is kan er nog faalangst ontstaan, bijvoorbeeld als hij zich onbegrepen en anders voelt, of als hij gepest wordt.

Er zijn ouders die teveel van hun kind verwachten. Ze sporen hun kinderen aan om iets te doen of te leren waar ze lichamelijk of geestelijk nog niet toe in staat zijn. Thuis, maar ook op school wordt er heel veel van kinderen verwacht. Ook zijn er ouders die overbezorgd zijn en juist door te bezorgd te zijn, hun kinderen beperken in hun ontwikkeling om zelfstandig te worden.

Zich veilig voelen en zelfvertrouwen hebben is de basis van alle ontwikkeling!

Hoe faalangst te voorkomen

Veilige start.

De hele ontwikkeling van je kind begint met hem een veilige start te geven. Laat weten dat je kind mag zijn zoals hij is.

Verlegen zijn mag

Ieder kind is weleens verlegen. Lach hem niet uit, praat niet voor hem en los niet al zijn problemen voor hem op.

Complimenten

Geef hem complimentjes. Bespreek niet alleen het resultaat, maar juist de weg die je kind afgelegd heeft om tot dit resultaat te komen. Bijvoorbeeld: Je kind komt thuis met een werkblad rekenen van school. Je ziet dat hij het redelijk gemaakt heeft. Zeg nu niet:’ Je hebt 5 foutjes, zullen we hier even naar kijken?’ Zeg: ‘Zo, je hebt er heel wat goed! Welke sommen vond je makkelijk en leuk om te maken? Nou knap hoor!’

Door bijvoorbeeld een bouwpakket te bouwen, zal je kind stap voor stap de handleiding moeten gebruiken. Je kan hem op deze manier voor iedere stap een compliment geven. Ook als hij een foutje gemaakt heeft en door gaat geef je hem hier een complimentje voor.

Weet wat er in je kind omgaat

Voer gesprekken, zodat je weet wat er in je kind omgaat. Het is niet altijd makkelijk om goede gesprekken met je kind te voeren. Als je teveel blijft aandringen, klappen kinderen vaak dicht. Probeer iets tijdens het gesprek te doen, zodat de situatie wat luchtig blijft. Zie mijn blog: Gesprek met je kind.

Opscheppen over prestaties

Doe niet te overdreven over de prestaties van je kind tegen anderen of tegen je kind zelf. Als iets niet lukt kan je het wat eenvoudiger voor hem maken of hem even op gang helpen.

Fouten maken mag

Laat je kind ervaren dat er iets mag mislukken. Als iets te moeilijk voor hem was en het niet lukt kan je zeggen dat het okay is, misschien lukt het wat later wel. Het is wel belangrijk dat je positief hierover bent. Zeg niet: ‘Ach dit kan je niet het is te moeilijk voor je’, maar zeg, ‘Wat knap dat je het probeert, maar misschien was het nog wat te lastig he?’

Eis niet teveel

Leg de lat niet te hoog voor je kind, maar natuurlijk ook niet te laag. Laat hem zelf bepalen wat hij kan en stimuleer hem hierin.

Waardering voor gewone dingen.

Laat je kind ervaren dat je het waardeert als hij zelf al dingen kan. Bijvoorbeeld: aankleden, alleen naar school gaan, enzovoort.

Wat kan je eraan doen: Help, mijn kind heeft faalangst!

Het tegenovergestelde van faalangst is zelfvertrouwen. Dus: hoe geef je je kind weer zelfvertrouwen?

Oeps foutje

Leer je kind dat je van fouten maken leert. Fouten maken hoort erbij, dus ook op school mag je kind fouten maken. Fouten maken zijn juist het bewijs dat je het probeert.

Bied geen oplossingen aan

Het is o zo makkelijk om datgene voor je kind te doen waar hij juist problemen mee heeft. Maar op deze manier zal hij juist ervaren dat jij het toch beter kan dan hij zelf. Je neemt op deze manier zijn verantwoordelijkheid over en je zal hem nog afhankelijker van je maken. Bedenk samen een oplossing. ‘Wat zou ik kunnen doen, zodat je het wel kan?’

Stimuleer helpende gedachten

Helpende gedachten zijn het tegenovergestelde van blokkerende gedachten. Dus in plaats van: Ik kan het niet- Ik probeer het. Dit is te moeilijk voor me- Ik heb het goed geleerd, als ik even nadenk weet ik het weer.

Wees positief

Waarom weet je zeker dat het niet goed gaat? Wie zegt dat? Is dat de waarheid of denk je dat zelf? Heb je goed geoefend?

Drie basisvragen

  1. Wat is het ergste dat kan gebeuren? Ik krijg een onvoldoende, of ik wordt uitgelachen.
  2. Wat is het beste wat kan gebeuren? Ik krijg een goed cijfer, iedereen vindt me geweldig.
  3. Wat zal er waarschijnlijk gebeuren? Ik zal waarschijnlijk wel wat fout doen, maar het zal me best lukken.

Spiegelen

Wat regelmatig voorkomt is dat faalangstige kinderen, faalangstige ouders hebben. Ouders projecteren onbewust hun idealen op hun kind. Ook zal je kind het gedrag van jou als ouder kopiëren.

De lat te hoog

Ouders die zelf te weinig zelfvertrouwen hebben zullen voor hun kind juist wensen dat ze veel zelfvertrouwen krijgen. Hierdoor kunnen ze de dingen die ze zelf hadden willen doen of bereiken onbewust van hun kind eisen. Als de lat te hoog ligt, zal het kind juist iedere keer ervaren dat het iets niet kan en dat de ouder niet tevreden is.

Opvoeding

Juist een kind dat wat verlegen is of nog niet zoveel zelfvertrouwen heeft zal het moeilijk hebben met opmerkingen die volwassenen makkelijk maken: ‘Doe me een plezier’, ‘Doe je best’, ‘Flink zijn’, ‘Schiet op’ of ‘Doe normaal’. Wat betekent dit voor je kind? Doe je best is een te vaag begrip voor je kind. Je kan beter zeggen: Als je vandaag een uurtje leert en morgen het nog een keer herhaalt, dan kan je het! In plaats van ‘Doe normaal’, zou je kunnen zeggen. Ik weet dat je het spannend vindt, maar praat iets zachter en dan bedenken we hoe ik je kan helpen.

Faalangst en mindfulness

Mindfulness heeft veel oefeningen die kinderen hun eigenwaarde terug kunnen geven. https://margot-verwaaijen.nl/

  • Leer je kind een ontspanningsoefening. Leer hem bijvoorbeeld op zijn ademhaling te letten. Hand op de buik, buik wordt bol, buik wordt dun. Op deze manier komt je kind even uit zijn hoofd.
  • Stel de volgende 3 basisvragen 1.Wat is het ergste dat er kan gebeuren? 2 Wat is het beste wat kan gebeuren?3 Wat zal er waarschijnlijk gebeuren? (Ik heb goed geleerd, dus ik zal het waarschijnlijk goed maken).
  • Laat zien dat jij ook fouten maakt. Zeg: oeps een foutje, lach erom en doe het opnieuw. Zo leert je kind dat fouten maken erbij hoort.

Hoe help ik mijn kind van faalangst af te komen?

  • Laat je kind ervaren dat hij het kan. Dus overhoor zijn huiswerk, of laat hem bijvoorbeeld een boekje lezen op zijn niveau. Door te ervaren dat hij het kan, wordt de spanning van: ‘ik kan het niet’ een stuk minder.
  • Praat regelmatig over dingen die goed zijn gegaan. Schrijf ze op en hangt dit op een prikbord. Vul dit lijstje regelmatig aan.
  • Neem de zorgen van je kind serieus. Ondersteun je kind in moeilijke situaties. Als hij zich bijvoorbeeld ongelukkig voelt, omdat hij gepest wordt, is het belangrijk dat hij weet dat jij als ouder er iets aan doet.
  • Probeer samen zijn probleem te ontleden: Hoe, wat en waarom. Bespreek dat zijn probleem opgelost kan worden.
  • Zorg voor momenten waarop je kind trots op zichzelf kan zijn.
  • Doe regelmatig iets waarbij de resultaten minder belangrijk zijn. Schilderen, kleien, koekjes bakken….
  • Help je kind door een opdracht in kleinere stappen te verdelen. Bijvoorbeeld een spreekbeurt per hoofdstuk te vertellen en dan de goede dingen te benoemen.
  • Laat merken dat niemand perfect is, ook je kind is goed zoals hij is.
  • Geef complimenten over het proces, niet altijd over het resultaat. Zo wat knap je hebt een 8 voor rekenen moet dus zijn: Jij hebt goed je best gedaan denk ik, kon je je goed concentreren?
  • Maak gebruik van humor om een prettige sfeer te creëren.

Het volgende boek laat je kind zien dat hij niet de enigste is met faalangst. Je kind leert met tips en hulpmiddelen werken voor thuis en op school. Op deze manier zal hij meer zelfvertrouwen krijgen.

7 Eenvoudige oefeningen

  1. Laat je kind zelf een boodschap doen. Bijvoorbeeld, wandel samen langs de bakker, geef hem geld voor een brood, laat hem zelf naar binnen gaan en een brood kopen. Wacht op de stoep en geef hem een compliment. Een ouder kind kan zelf naar de supermarkt gaan en daar enkele boodschappen voor je doen. Ook nu een compliment geven.
  2. Laat je kind een tekening maken, waarin zijn probleem te zien is. Zet er samen tekstwolkjes bij met de gevoelens van je kind in bv oranje. Teken daarna tekstwolkjes met teksten die zouden kunnen helpen en het probleem minder zwaar maken.
  3. Het is leuk om jonge kinderen thuis te laten ‘optreden’. Zing samen liedjes en doe samen dansjes en daarna mag iedereen 1 voor 1 een liedje of dansje doen. Zo oefen je spelenderwijs het spreken in het openbaar en zal je kind minder gestrest zijn als het een spreekbeurt heeft.
  4. Laat merken dat jezelf ook weleens dingen moeilijk vindt. Vraag dan hulp van je kind. Bijvoorbeeld: Je bent eten aan het koken, je hebt vieze handen en je moet een pak paneermeel hebben. Vraag ‘Help, wil je alsjeblief helpen en de paneermeel pakken, doe meteen maar wat in de kom. Top, fijn dat je me even geholpen hebt!
  5. Laat een ouder kind helpen door een eenvoudige maaltijd te koken. Zeg daarna dat het heerlijk is en dat hij je ontzettend geholpen heeft.
  6. Koop of maak een leuk doosje. Iedere keer als je kind iets kan, teken je het, of schrijf je het op. Laat dit dan telkens in het doosje stoppen en bespreek regelmatig de dingen die er al in zitten.
  7. Zelf oplossen geeft zelfvertrouwen. Bijvoorbeeld: Kind :’Ik heb dorst’ Ouder: ‘Jij hebt dorst’. Wees daarna even stil. Zo stimuleer je je kind zelf een oplossing te bedenken. Kind zet opstapkrukje bij aanrecht, pakt plastic beker en doet er water in. Kind is trots, ouder zegt: ‘Goed gedaan, wil je mij ook een beker water geven?’ ( Let niet op knoeien).

Help mijn kind heeft faalangst!

Help! Mijn kind heeft faalangst! meisje maakt muziek

Als er iets toch niet lukt, probeer er dan samen om te lachen. Zo blijft de sfeer prettig en komt er beslist een volgende keer dat het wel lukt.

Zoals je ziet zijn dit allemaal oefeningen die weinig met leren te maken hebben. Een kind moet eerst een positief zelfbeeld hebben, zelfvertrouwen hebben om ook faalangst op cognitief gebied aan te pakken.

Bovenstaande oefeningen zijn ook goed om faalangst te voorkomen.

Plaats een reactie

Ik accepteer de Privacy Policy