IkBenAlGroot - Alles Over Kleuters en Peuters!
slaapproblemen bij kinderen. kind is wakker

Slaapproblemen bij kinderen

(en dus ook bij hun ouders)

Slaapproblemen bij kinderen. Dit betekent dat jullie als ouders ook onvoldoende slaap krijgen, hierdoor is het ouderschap momenteel behoorlijk zwaar. Jullie zijn beslist niet de enige die slaapproblemen bij kinderen hebben. Erg veel kinderen hebben een korte of langere periode slaapproblemen. Dit is dan niet alleen een probleem voor het kind, maar vooral voor de ouders en zelfs voor het hele gezin. Het kunnen echt tropenjaren zijn. Te weinig nachtrust betekent overdag te weinig energie en hoe kan je, als je weinig energie hebt, nu een leuke en goede opvoeder zijn? Maar… slaapproblemen zijn op te lossen en natuurlijk zonder medicijnen. Dit blog geeft ouders, pedagogische medewerkers en andere opvoeders handvatten om uit de vaak visuele cirkel te komen van slaapproblemen bij kinderen.

Inhoudsopgave

Voorwoord

Hoera, je bent zwanger, of misschien ben je al een ouder. Gefeliciteerd! Om je goed op het ouderschap voor te bereiden is het handig om al informatie te hebben over de  dingen die op je pad zullen komen nu je de verantwoording hebt over een nieuw leven. Misschien heb je nu al vragen, maar hoogstwaarschijnlijk loop je gedurende de rest van de opvoeding van je kind tegen nog veel meer vragen op. Als kleuterjuf, moeder en oma zie ik dat veel ouders dezelfde opvoedingsvragen hebben. Deze vragen heb ik voorgelegd aan deskundigen en zo is naast het uitgebreide blog ‘De taalontwikkeling van je kind’ nu het nog een erg volledig blog ontstaan: ‘Slaapproblemen bij kinderen’. Dit blog zal je beslist oplossingen geven, zodat jullie weer kunnen genieten van een goede nachtrust en dus weer energie zullen hebben om een ontspannen ouder voor je kind(eren) te zijn.

Zelf hebben we 3 kinderen, die nu al volwassen zijn. De oudste is een meisje. Ze sliep als baby wat minder dan een gemiddelde baby. Mijn vriendin had een baby, die veel meer sliep. Zij gaf flesvoeding en ik gaf borstvoeding. Zij hield een strak schema aan: voeden, spelen en slapen. Ik had hier moeite mee, omdat ik borstvoeding gaf, mijn dochter wat minder slaap nodig had en ik zo niet in elkaar zat. Ik bracht juist meer onrust in het leventje van mijn dochter door alle goedbedoelde tips uit te proberen. 

Toen dus haar broer 2 jaar later geboren werd, was ik een meer ervaren moeder en had mijn zoon minder slaapproblemen. Echter weer 2 jaar later werd onze tweede zoon geboren, dit was een baby die moeite had om alleen te zijn. Hij had problemen met het afscheid nemen, daarom was het dus moeilijk om hem naar bed te brengen. Zo zie je maar dat ieder kind en iedere ouder verschillend is.

Slaapproblemen bij kinderen

Slapeloosheid komt veel bij kinderen voor. Slecht slapen kan ervoor zorgen dat kinderen zich minder goed ontwikkelen en minder goed groeien. Ook kunnen ze andere klachten krijgen, zoals hoofdpijn of buikpijn. Het is dus belangrijk dit op tijd te herkennen en er wat aan te doen. Kinderen met slaapproblemen gedragen zich vaak drukker. Ook hebben ze problemen met concentratie. Deze klachten lijken op die van ADHD. Hersenstichting

Voorbeelden slaapproblemen

Bjorn is een baby van 10 maanden. De eerste maanden van zijn leventje sliep hij goed. Hij moest zelfs regelmatig wakker gemaakt worden voor zijn voeding. Met 8 maanden begonnen de problemen. Hij begon te schreeuwen zodra hij al boven zijn bedje gehouden werd en huilde zich helemaal overstuur als hij dan toch in zijn ledikantje gelegd werd. Hij werd alleen weer rustig als hij uit bed gehaald werd en tegen zijn vader of moeder aan lag.

Linke is een meisje van 3 jaar. Als baby sliep ze iets minder dan een gemiddelde baby, maar ze had overdag voldoende energie en was meestal een vrolijke baby. De grote problemen ontstonden toen ze bijna 3 was en duren nu al een half jaar. Ze wil niet naar bed, hierdoor duurt het meestal wel een uur voordat ze slaapt. Ondertussen krijgen vader en moeder ruzie, omdat ze een andere mening hebben over wat goed is om te doen.

Luuk is een dreumes van 2 jaar. Hij is altijd al een slechte slaper geweest, maar nu slaapt hij alleen nog maar in het bed van mama en papa. Als zijn ouders hem naar bed brengen valt hij meestal zonder problemen in slaap. Als zijn ouders naar bed gaan wordt hij wakker en blijft hij net zolang huilen, totdat zijn ouders hem maar weer in hun grote bed laten slapen.

Dinand is 10 jaar. Hij heeft nooit veel slaapproblemen gehad tot nu toe. Hij gaat om 8 uur naar boven en mag dan nog een half uurtje lezen of een computerspelletje spelen. Als zijn ouders rond 11 uur naar bed gaan zit hij nog steeds achter zijn laptop. Hij zegt dat hij stopt en naar bed gaat, maar zijn ouders moeten hem dan nog regelmatig controleren. De volgende ochtend kan hij zijn bed niet uitkomen om op tijd op school te zijn.

Er zijn nog veel meer voorbeelden te noemen van kinderen die problemen hebben rond het slapen. Sommige problemen hebben te maken met fases in de ontwikkeling, andere problemen kunnen te maken hebben met gewoontes, stress, gedrag, enzovoort.

1 Wat is slaap?

slaapproblemen bij kinderen. Meisje slaapt lekker

Wie goed en lekker slaapt, wordt uitgerust wakker.

Slaap is een periode waarin men niet actief is en het bewustzijn niet wakend is. Tijdens de slaap komt het lichaam tot rust. Het ritme van slapen en wakker zijn, wordt geregeld door gebieden in de hersenstam en de hypothalamus (speelt een grote rol bij de organisatie van alle gedragingen). Tijdens de slaap is men niet volledig afwezig, maar verandert het bewustzijn.

2 Waar is slaap goed voor?

De slaap is onmisbaar voor de hersenontwikkeling. Er worden nieuwe hersenverbindingen gemaakt en oude versterkt. Tijdens de slaap draaien de hersenen nog steeds op volle toeren. Als je kind wakker is doet hij of zij deze hele periode veel ervaringen op. De knuffel is zacht, met een bal kan ik ver gooien, op een blokje staan doet pijn, leerervaringen op school en ervaringen tijdens contact met vrienden, enzovoort. Kortom er komt een heleboel informatie binnen bij je kind. Tijdens de slaap zal je kind al datgene verwerken en opslaan in zijn lange termijn geheugen.

Ook is slaap belangrijk voor de groei van lichaam en geest, een goede gezondheid en emotioneel welbevinden. 

Een kind (en ook een volwassene) die niet goed slaapt, zit overdag ook niet goed in zijn vel. Niet goed slapen kan een negatieve impact hebben op het gedrag, de schoolprestaties, het zelfvertrouwen, de concentratie, de gezondheid en zelf op het hele functioneren van het gezin.

3 Wat zijn de gevolgen van slecht slapen?

Een periode van slecht slapen heeft verschillende gevolgen:

3.1 Voor het kind:

  • verminderde concentratie
  • stress
  • huilerig
  • humeurig
  • driftbuien
  • weinig belangstelling om nieuwe dingen te leren.

3.2 Voor andere gezinsleden:

  • ouders zijn minder geduldig
  • onenigheid tussen de ouders over de manier van opvoeden
  • vergeetachtig
  • slecht concentreren
  • minder presteren op het werk
  • snel moe tijdens bijvoorbeeld het autorijden
  • stress/burn-out

3.3 Op de lange termijn: 

Op de lange termijn heeft slecht slapen hele grote gevolgen

  • chronische vermoeidheid
  • stress/ burn-out
  • angststoornis
  • depressie
  • andere psychische problemen
  • beroerte
  • korter leven

4 De normale ontwikkeling van de slaap

LeeftijdGemiddeld aantal slaapuren per etmaal
0 maand15 tot 18 uur
1-12 maand14 tot 18 uur
1 tot 3 jaar12 tot 15 uur
3 jaar12 tot 13 uur
4- 5 jaar11 tot 12 uur
6 – 7  jaar10 tot 11 uur 
8 – 9 jaar10 uur
10-11 jaar9 tot 10 uur
12 jaar8 tot  9 uur
12 – 24 jaar9 tot 10 uur
Volwassenen en ouderen7 tot  8 uur

Deze tabel geeft een algemene richtlijn. Weet dat ieder kind anders is en er dus kleine verschillen mogelijk zijn. Opvallend is dat pubers tot hun volwassenheid juist weer wat meer slaap nodig hebben voor een goede ontwikkeling. Dit is waarschijnlijk één van de redenen, waarom de meeste pubers moeilijk vroeg kunnen opstaan.

5 Bedtijd 

Voor ons het het heel normaal dat jonge kinderen rond 19.30 uur naar bed gaan. Het begrip ‘kinderbedtijd’ kennen ze echter in veel landen niet. Er is veel verschil tussen de slaaproutines in verschillende landen. In bijvoorbeeld Spanje gaan de meeste kinderen gelijk met hun ouders naar bed. Bij de Fransen is de warme maaltijd vaak laat op de avond, dit is de reden dat ook in Frankrijk de kinderen laat naar bed gaan. In India vinden ze dat jonge kinderen niet alleen horen te slapen. Zo hebben de kinderen onder 6 jaar geen eigen slaapkamer, maar slapen ze op de kamer van mama en papa of van grote broer of zus. In Egypte worden de kinderen pas in bed gelegd als ze vanzelf in slaap gevallen zijn.

Waarom is het hanteren van kinderbedtijd dan toch een goede ontwikkeling? Het is de bedoeling dat de kinderen zich aanpassen aan ons dag- en nachtritme. Wij houden geen lange siësta’s! Bij ons beginnen de basisscholen om 8.30 uur. Veel kinderen moeten voor werktijd van de ouders naar de opvang gebracht worden. Ze moeten zich dus aanpassen aan ons ritme. Dus om voldoende gezonde slaap te krijgen, zodat ze zich optimaal kunnen ontwikkelen hebben wij in Nederland en ook in veel andere landen ‘kinderbedtijd’. 

Zelf heb ik mooie herinneringen aan het voorlezen voor het slapengaan. Je kind lekker onder de wol en nog even een verhaaltje voor het slapengaan. 

6 De gemiddelde bedtijd voor een kind is:

Een niet onbelangrijk voordeel van kinderbedtijd is, dat ouders enkele uurtjes voor zichzelf hebben. 

leeftijdtijd om naar bed te gaan
2 tot 3 jaarvan 18.30 tot 19.30 (afhankelijk van het wel of niet middagdutje doen)
4 tot 6 jaarvan 18.30 tot 19.30 uur
7 tot 8 jaarvan 19.00 tot 20.00 uur
9 tot 10 jaarvan 19.30 tot 20.30 uur
11 tot 12 jaarvan 20.00 tot 21.00 uur

7 De slaapcyclus

Bij een volwassene duurt de hele slaapcyclus gemiddeld 90 minuten tot 2 uur. Tijdens een normale nacht wordt deze cyclus 4 of 5 keer doorlopen. Het is gewoon dat je na elke cyclus even een beetje wakker wordt. Je merkt dan bijvoorbeeld dat je moet plassen, of op je arm gelegen hebt. Is alles okay, dan word je niet verder wakker, maar start je een nieuwe cyclus.

7.1 De hele slaapcyclus bestaat uit 5 fases:

  1. Inslaapfase: Deze is tussen slaap en wakker zijn. Het duurt een paar minuten.
  2. Lichte slaap: Deze is nog niet diep. Men wordt van gewone geluiden wakker. Deze fase duurt ca een uur.
  3. Overgangsfase naar diepe slaap: De ademhaling wordt langzamer en regelmatig. Het hartritme daalt en de spieren ontspannen nog meer. Dit duurt 5 minuten.
  4. De diepe slaap: Deze zorgt voor lichamelijke rust. Als men nu wakker wordt is men verward. Deze fase duurt 20 minuten.
  5. De REM-slaap: Deze volgt na de diepe slaap. Hartritme en ademhaling zijn onregelmatiger. De spieren ontspannen, maar de bloeddruk stijgt. Tijdens deze fase droomt men en worden ervaringen verwerkt en opgeslagen in het lange termijn geheugen. Dit duurt 20 minuten. Hierna wordt men even licht wakker om daarna de cyclus weer te doorlopen.

7.2 De slaapcyclus van pasgeborenen

Pasgeborenen hebben maar 2 slaapfasen in een slaapcyclus.

  1. Actieve slaap: Deze slaap lijkt op de REM slaap.
  2. Stille slaap: Deze fase lijkt op de diepe slaap.

De actieve en de stille slaap duren beiden ongeveer even lang. De hele cyclus bij een pasgeboren baby duurt ongeveer 45 minuten. Na 6 maanden heeft de baby ook 5 slaapfases, dezelfde als volwassenen. Alleen is de duur van de cyclus nog zo’n 45 tot 60 minuten.

Baby’s, kinderen en volwassenen kunnen soms moeite hebben om de verschillende cyclussen aan elkaar te koppelen. 

De langste periodes van diepe slaap zijn tijdens de eerste helft van de nacht.

8 Dag- en nachtritme baby

Buikje vol, keertje gapen, lekker in bed en dan heerlijk slapen.

Een pasgeboren baby heeft niet meteen een dag en nacht ritme zoals wij die kennen. Hij of zij heeft 9 maanden in een donkere baarmoeder gezeten. Toen kreeg hij constant voeding door de navelstreng. Hij sliep vaak als zijn moeder overdag in beweging was. Door de bewegingen werd hij lekker in slaap gewiegd. Als zijn moeder ‘s middags ging rusten en ‘s avond op tijd naar bed ging, werd hij vaak wakker en ging hij juist bewegen en schoppen. (Dit herkennen veel aanstaande moeders.)

Dus het eerste probleem waar je als ouders tegenaan kan lopen is, dat je pasgeboren baby een ander ritme van slapen en waken heeft dan jullie.

Pasgeboren baby’s zullen ook ‘s nachts om de 3 of 4 uur voeding willen. Ze hebben deze ook nodig, omdat hun maagje nog klein is en ze dus geen grote hoeveelheden zullen kunnen drinken. Meestal vallen ze na de voeding dan meteen weer in slaap. Ze slapen zo 15 tot 18 uur per etmaal.

Als een baby 6 weken is begint er langzaam een dag/nachtritme te ontstaan. Overdag is je baby tussen de voedingen door meer wakker. ‘s Nachts zal hij na de voeding weer snel in slaap vallen en pas na ongeveer 4 uur weer wakker worden voor de volgende voeding. Ook slapen baby’s vanaf 6 weken ‘s nachts vaak dieper dan overdag.

De nachtvoedingen zijn niet alleen belangrijk voor de lichamelijke conditie van de baby (vocht en calorieën), maar je baby zal ook behoefte hebben aan aanrakingen. Het is bewezen dat koestering en huidcontact een belangrijke levensbehoefte is! 

8.1 Verstoort dag- en nachtritme, wat te doen…

Onze biologische klok is afgestemd op het daglicht. Wij reageren op het opkomen en ondergaan van de zon. Dus wat je moet doen is eenvoudig: 

  • Doe ‘s morgens meteen in het hele huis de gordijnen open. Zorg ook op donkere dagen voor voldoende licht binnen. 
  • Kijk waar je de box hebt staan. Is dit een lichte plaats, die niet direct in de zon is? 
  • Ga iedere dag 1 of meerdere keren met je baby naar buiten. Wandel naar de supermarkt en neem de kinderwagen mee als je de hond uitlaat. Zo kan je dingen combineren. 
  • Als je baby overdag te lang slaapt, kan je proberen om het in zijn kamertje niet helemaal donker te maken, maar alleen schemerig. 
  • Doe s’nachts alleen een schemerlampje aan, of dim het licht, als je moet voeden. 
  • Verschoon hem ‘s nachts eerst en voedt hem daarna. Baby’s worden door het voeden vaak lekker slaperig. Wel natuurlijk proberen of hij een boertje moet laten.  
  • Knuffel ‘s nachts wel, maar praat niet teveel met hem. Leg hem na het boertje meteen weer in zijn bedje. 

Na ongeveer zes weken ontstaat er langzamerhand een dag- en nachtritme.

9 Hoe bouw je nachtvoedingen af?

Slaapproblemen bij kinderen. Baby houdt vinger van moeder vast.

Nachtvoedingen: In holst van de nacht samen alleen met je baby… knuffelen, snuffelen, voeden en weer in bed rollen, zó speciaal… 

Een pasgeboren baby heeft natuurlijk nog een klein maagje. Hierin kan relatief weinig voeding. Je begrijpt dus dat je kindje om de 3 of 4 uur gevoed moet worden, ook ‘s nachts. Dat betekent dat ouders deze periode erg weinig slaap krijgen. Dit is de reden waarom we het belangrijk vinden om het dag/nachtritme goed te krijgen en als het kan de nachtvoedingen af te bouwen. 

Soms lukt dit niet zo snel als we zouden willen. Het is dan belangrijk dat je zelf genoeg slaap pakt. Ga dan overdag, als je baby slaapt zelf even slapen. Maak een rooster zodat beide ouders af en toe enkele uren door kunnen slapen. Een langere periode met te weinig slaap houdt niemand vol. Ouders zijn de spil van het gezin, zij moeten fit blijven!

Vanaf 6 maanden slapen de meeste baby’s met een gezond gewicht ‘s nachts 5 tot 8 uur achter elkaar. Er zijn er ook die toch nog vaker wakker worden. Dit kan een gewoonte zijn, maar het kan ook zijn dat je kindje na een slaapcyclus de overgang naar de volgende cyclus nog niet goed zelf kan maken.

  • Als je denkt dat je baby de overgang naar de volgende slaapcyclus niet goed zelf kan maken, haal je hem niet uit bedje. Je herhaalt wat aspecten van jullie slaapritueel: muziekje zachtjes aan, hand op het hoofdje, over de rug wrijven, kusje, welterusten en als je baby stil is kan je zachtjes weglopen.
  • Probeer geen voeding te geven, maar geef het speentje als je denkt dat je baby zuigbehoefte heeft.
  • Als je baby echt niet gaat slapen zonder voeding probeer dan een halve voeding te geven.
  • Baby’s kunnen ook huilen omdat ze eenzaam zijn. Een co-sleeper naast je bed zou dan een uitkomst kunnen zijn. Je baby kan daar veilig in liggen en terwijl jij in je eigen bed ligt. Zo kan je de baby troosten door hem zachtjes te masseren en zachtjes tegen hem te praten.

Rond 8 maanden slapen de meeste baby’s door. Jouw baby nog steeds niet? Onthoudt dat het beslist overgaat! Probeer bovenstaande tips uit, niet voor 1 nacht, maar ten minste 14 dagen.

10 Slaapsignalen herkennen

Huilen is zeker niet het enige communicatiemiddel zoals soms wordt gezegd.

Het is niet altijd makkelijk om te zien of je kind slaap heeft. Er zijn kinderen die juist druk, of boos worden als ze slaap hebben. Het kan zijn dat je juist de signalen van slaperig zijn heb gemist en je kind daarom druk en/of boos gedrag gaat vertonen.

Bij een baby is het nog extra moeilijk, omdat je alles moet aflezen van zijn  lichaamstaal.

  • Gapen
  • Rode wangen, rode oren of juist wat bleek worden
  • Zoek- en zuigbewegingen (zijn ook voedingssignalen)
  • Je niet meer aankijken of zelf wegkijken, wil geen contact meer.
  • Hoofdje in je borst drukken
  • Staren en afwezig zijn. Zich niet laten afleiden door speelgoedje.
  • Als ze wat ouder zijn, kunnen baby’s aan de oren gaan wriemelen, of in de ogen wrijven.

De volgende signalen zijn een later signaal, je bent dan eigenlijk al te laat met het opvangen van de slaapsignalen.

  • Drukke oncontroleerbare bewegingen, gebalde vuistjes
  • Overstrekken
  • Huilen

Als je baby moe wordt, gaat hij niet van het één op andere moment huilen. Meestal verloopt het op deze manier: gapen, rode wangen, afwezig reageren, wegkijken. Hierna komen de late signalen: ‘drukke’ ongecontroleerde bewegingen, jengelen en daarna huilen. Probeer deze late signalen te voorkomen, je baby is nu te moe en heeft teveel prikkels ervaren om rustig in slaap te vallen.

Al deze signalen lijken ook veel op voedingssignalen. Hoe weet je nu of je baby weer honger heeft of moe is? Door goed naar je baby te kijken leer je de slaapsignalen te herkennen. Als hij nog niet zo lang geleden gevoed is, is de kans groot dat hij nu moe is.

11 Visuele cirkel van slecht slapen

Als jezelf voldoende rust krijgt en dus voldoende energie hebt om een ontspannen ouder te zijn, zal je kind ook ontspannen zijn en beter kunnen slapen.

Voordat we gaan slapen, hebben we een periode dat we slaperig worden. Deze periode wordt ook wel ‘sleep widow’ genoemd. In deze periode wordt het hormoon melatonine, het slaaphormoon, aangemaakt. Dit ontspant en bevordert de slaap. Baby’s vanaf 3 maanden maken dit hormoon al zelf aan.

Wat gebeurt er nu als je baby of kind deze periode mist en niet gaat slapen, maar wakker blijft. Het hormoon melatonine maakt plaats voor het stresshormoon ‘cortisol.’ Je kind zal nu zijn laatste beetje energie gebruiken om door te gaan en wakker te blijven. Het gevolg is dat je baby of kind niet meer rustig te krijgen is. Hij zal nu dus moeilijk en te laat gaan slapen. Hierdoor is zijn slaapritme verstoort en wordt hij ‘s nachts vaker wakker en ‘s morgens te vroeg wakker. De volgende dag zal hij oververmoeid zijn, overdag slechter slapen en ook ‘s avonds weer te moe zijn, met een te hoog cortisolgehalte om lekker ontspannen in slaap te vallen.

Zo ontstaat de visuele cirkel van slecht slapen van baby en/of kind en natuurlijk ook zijn ouders.

12 Slaapproblemen bij kinderen en hun oplossingen

Een probleem is zo groot als je het zelf maakt.

Er zijn verschillende soorten slaapproblemen. Het komt ook voor dat kinderen een combinatie van verschillende problemen hebben. Hier volgt een opsomming van de meest voorkomende slaapproblemen, een korte uitleg wat de oorzaak zou kunnen zijn en hoe deze specifieke slaapproblemen op te lossen zijn.

12.1 Moeilijk inslapen

Je kind ligt in bed en kan niet in slaap komen. Hij gaat huilen, of klimt uit bed. Soms helpt een slokje water en opnieuw lekker in bed stoppen, maar vaak is je kind echt over ‘de slaap heen’ en wordt het een strijd.

Je hebt als ouder de slaapsignalen gemist, zoals in de ogen wrijven, rode wangen, geeuwen, wegkijken…Nu de late slaapsignalen komen, zoals jengelen, overstrekken en huilen is het moeilijker voor je kind om in slaap te vallen.

Oplossing: Laat tegen de tijd dat je denkt dat het bedtijd wordt, je andere taken even los en observeer je kind goed. Als je denkt dat je enkele van de slaapsignalen opmerkt begin je met de bedtijd routine.

Als je kind zoals het voorbeeld al helemaal wakker en over de toeren is, kan je hem beter even uit bed nemen, weer een boekje voorlezen bij zacht licht of een verhaaltje vertellen, even lekker bij hem zitten en over zijn rug wrijven of zachtjes masseren. Waarschijnlijk begint het slaaphormoon te werken en kan je hem gezellig in bed stoppen.

12.2 Bang in het donker

Na het bedritueel, doe je de lamp uit en loop je zijn kamer uit. Je bent nog niet onderaan de trap of je kind roept je. Je geeft antwoord of gaat nog even naar hem toe. Na een tijdje kom je er achter dat je kind niet alleen wilt blijven. Hij of zij is bang. Kinderen tussen de 4 en 7 jaar hebben veel fantasie. Vaak weten ze wel dat het griezelige dier in de hoek van hun kamer in het echt de kleren zijn die over de stoel hangen, maar… helemaal zeker weten ze het toch niet…. Wat horen ze nu… komt dat vreemde geluid van buiten, of zit er iets onder zijn bed. Als het lang gaat duren voordat je kind nu in slaap valt, is hij al over zijn slaap heen.

Oplossing: Laat je kind niet alleen bij angst. Laat zien waar hij bang voor was, lach er samen om. Kijk samen onder het bed en leg de kleren in de kast. Herhaal enkele bed rituelen geef hem een kusje en zeg dat je even boven blijft tot hij slaapt. In deze tijd kan je eventueel de was opruimen of is anders doen, zodat je kind hoort dat je echt in de buurt bent. Schend zijn vertrouwen niet door stilletjes naar beneden te gaan, terwijl je kind nog wakker is. Als je kind bang blijft zal je bij hem op de kamer moeten blijven, totdat hij slaapt.

12.3 ‘s Nachts wakker worden

Ook al is je kind geen baby meer, die nachtvoedingen nodig heeft, blijft hij of zij op regelmatige momenten ‘s nachts wakker worden. Vaak hebben deze kinderen nog niet geleerd hoe ze de verschillende slaapfases aan elkaar kunnen koppelen. Je kind heeft 1 slaapfase doorlopen, gaat licht slapen en wordt zelfs wakker. Hij heeft dan hulp nodig om aan de 2de, 3de en volgende fases te beginnen. 

Oplossing: Laat je kind in zijn bed liggen en wrijf hem zachtjes over zijn rug. Probeer niet teveel te praten. Hier wordt hij juist meer wakker van. Je zou iets kunnen herhalen wat bij de slaaproutine hoort: het muziekje even afspelen, een aai over zijn hoofd en een kusje. Ga niet bij een kreuntje of een klein huiltje al naar je kind. Soms valt hij zelf weer in slaap. Leer de verschillende huiltjes te vertalen in wat je kind nodig heeft. 

Als het een langere periode is, waarin je kind ‘s nachts vaak wakker wordt is het een idee om te denken aan een co-sleeper voor je baby of bij oudere kinderen een ledikantje op de slaapkamer van de ouders. Op deze manier kan je veilig helpen bij het aan elkaar koppelen van de slaapfases, zonder dat iedereen helemaal wakker wordt en moeite zal hebben om weer in te slapen.

Advies is om geen voeding of slokje water te geven. Het inslapen zal misschien wel beter gaan, maar hieraan gaat je kind wennen en verschuif je het probleem.

12.4 Eng dromen

Ook baby’s hebben al een soort REM slaap. Tijdens deze slaapfase is het bekend dat we dromen. Dus kunnen we ervan uit gaan dat ook baby’s kunnen dromen. Veel ouders zullen kunnen bevestigen dat hun baby ‘s nachts plotseling hard kan gaan huilen en dan echt overstuur is als hij wakker wordt.

Vanaf dat je kind een kleuter is zal hij vaak kunnen vertellen wat hij gedroomd heeft.

Een enge droom of een nachtmerrie heeft een grote impact op je kind. Hij is zo bang dat hij erg onrustig wordt, schreeuwt of hard huilt. Soms wordt hij wakker, soms kan je hem wakker krijgen, maar soms lukt dat niet. Dan lijkt het of hij juist nog banger wordt! Wat moet je doen? Je kind verwerkt tijdens de REM fase de indrukken die hij overdag meegemaakt heeft. Als dromen nachtmerries zijn heeft je kind hoogstwaarschijnlijk teveel indrukken meegemaakt. Ook hele heftige indrukken kunnen leiden tot nachtmerries.

Oplossing: Probeer de dag rustig en gestructureerd te laten verlopen voor je kind. Als hij nog niet goed gewend is op school of op de opvang moet je beslist de rest van de dag dat je kind thuis is veel rustmomenten inlassen. Dit is natuurlijk niet voor de tv of een ander beeldscherm, want hier doen kinderen ook te veel indrukken op.

Ga samen op de bank zitten of aan de keukentafel. Creëer een moment voor jullie samen door wat fruit te eten, wat te drinken en samen te kletsen. Knutselen en spelen met bijvoorbeeld speeldeeg of klei ontspant. Zo wordt het een gezellig moment, waarbij ouder en kind tot rust kunnen komen en tijd hebben om samen een gesprekje te hebben. Als je weet wat er aan de hand is kan je een boekje over dat thema voorlezen, bijvoorbeeld overlijden huisdier, pesten, bang zijn…. Op deze manier verwerkt je kind overdag al wat indrukken en zal er minder kans zijn op een nachtmerrie.

Als je kind een nachtmerrie heeft maak je hem even helemaal wakker, zodat je het kan troosten en kan laten zien dat de droom geen werkelijkheid was.Tijdens de nachtmerrie is je kind soms moeilijk echt wakker te krijgen en zal het in de nare droom blijven. Door een natte handdoek op het hoofd of in de nek van je kind te leggen zal hij goed wakker worden en kan je ook dan je kind troosten. Blijf bij je kind totdat het weer slaapt, of geef hem een veilig gevoel door hem mee naar je bed te nemen.

12.5 Slaapwandelen

Slaapwandelen is iets heel anders dan dromen. Je kind droomt tijdens de REM fase van zijn slaap, maar slaapwandelen gebeurd juist een fase daarvoor. De hersenen slapen, maar de spieren zijn niet verslapt zoals tijdens de REM fase, het lichaam kan nog actief zijn. Sommige kinderen stappen echt uit bed en kleden zich bijvoorbeeld aan. Anderen zitten misschien een poosje rechtop in bed, praten, zingen of zo. Er zijn gevallen bekend dat volwassenen zelfs tijdens het slaapwandelen gaan autorijden! 

Een persoon die slaapwandelt doet dezelfde activiteiten in zijn slaap, die hij ook tijdens het wakker zijn zou kunnen doen. Zijn ogen zijn open, maar hij heeft meestal een wazige blik. Kinderen hebben vaker last van slaapwandelen dan volwassenen. Stress en oververmoeidheid zouden oorzaken kunnen zijn. Een kind dat regelmatig slaapwandelt heeft een minder goede nachtrust. Juist oververmoeidheid kan slaapwandelen weer bevorderen. 

Oplossing: Ook deze kinderen hebben veel baat bij de oplossingen zoals ik die bij nachtmerries beschreven heb. Ook zijn ontspanningsoefeningen, zoals mindfulness voor kinderen, kindermassage en kinderyoga beslist het proberen waard.

Soms kunnen kinderen gevaarlijke dingen doen tijdens het slaapwandelen: naar buiten gaan, uit het raam, of over een traphekje willen klimmen. Zorg dat het dan veilig is voor je kind om gevaarlijke situaties te voorkomen. De meeste kinderen gaan tijdens het slaapwandelen uit zichzelf weer naar bed. Ook kan je ze naar bed begeleiden en hoef je ze hierom niet wakker te maken. Je kind zal zich als het later wakker wordt niets van het slaapwandelen kunnen herinneren.

12.6 Apneu bij kinderen

Snurkt je kind tijdens de slaap, of merk je dat het soms wel 10 seconden of iets langer duurt voordat hij weer ademhaalt? Dan wordt je natuurlijk ongerust. Wat is er aan de hand met je kind? Tijdens het slapen ontspannen de spieren. Sommige kinderen snurken dan een periode. Als er geen andere problemen zijn is dit onschuldig en zal je kind er overheen groeien. Als hij echter regelmatig een periode heeft dat de ademhaling wel 10 seconden of meer stagneert, kan er wel een probleem zijn en is overleg met de huisarts noodzakelijk. De hersenen van het kind met slaapapneu geven tijdens de periode van stagnering telkens een alarmsignaal doordat ze minder zuurstof krijgen. Door dit signaal worden ze een moment wakker of vermindert de diepe slaap. Als dit regelmatig gebeurt kunnen er veel problemen ontstaan, zoals moeilijke concentratie, overdag slaperig zijn, hoofdpijn, gedragsproblemen, niet goed groeien…

Oorzaken kunnen zijn: vernauwde luchtwegen door bijvoorbeeld vergrote amandelen. Overgewicht bij kinderen of een beperking zoals het ‘syndroom van Down’.

Oplossing: Wacht niet te lang met een extra bezoek aan de huisarts of het consultatiebureau. Het advies kan zijn om amandelen te laten verwijderen. Bij kinderen met overgewicht is de hulp van een diëtist vaak voldoende om tot een gezond gewicht te komen, zodat dit en vaak ook andere problemen verholpen zullen worden. 

12.7 Te vroeg wakker 

Deze klok help kinderen om te leren klokkijken. Zo kan je kind leren dat hij als het 7 uur is, uit bed mag. Het grote voordeel van deze klok is, dat de secondewijzer niet tikt.

Je kind wordt ‘s morgens te vroeg wakker, slaapt ‘s avonds moeilijk in en wordt ook  ‘s nachts regelmatig wakker. Grote kans dat je kind de volgende morgen weer te vroeg wakker wordt. Hoe kan dat toch? Je zou denken dat hij of zij na een slechte nacht, juist ‘s morgens langer zal slapen!

Doordat je kind geen goed slaapritme heeft ontwikkeld, zal hij ook ‘s morgens eerder wakker zijn dan dat je zou denken.

Oplossing: Zorg dat je kind een goed slaapritme krijgt door goed op de slaapsignalen te letten, zorg dat hij niet teveel indrukken krijgt overdag en dat er voldoende ontspanningsmomenten zijn. Help hem met zijn specifieke slaapproblemen. (zie hierboven)

Je kind wordt ‘s morgens te vroeg wakker, omdat hij dan al honger heeft.

Oplossing: Als je denkt dat je kind door een hongergevoel wakker wordt moet je nagaan of je zijn laatste voeding of eetmoment voedzamer kan en mag maken. Maak het beslist niet vetter, want te vet eten kan juist slaapproblemen veroorzaken. 

De biologische klok van je kind begint vroeg in de ochtend. Uit nood begin je dus ook maar zelf aan de dag en staan jullie samen op dit vroege tijdstip op. Je kind krijgt iets te drinken en/of te eten. Jullie gaan samen tv kijken, of op een andere manier aan de dag beginnen. Zo maak je een bepaald dagritme voor je kind en voor jezelf die je niet zou willen. 

Oplossing: Houd de slaapkamer van je kind echt donker, want door licht stopt de aanmaak van het slaaphormoon melatonine. Verander de biologische klok van je kind door juist niet samen zo vroeg op te staan. Herhaal wat aspecten van de bedtijd routine. Houd dit beslist enkele dagen vol, ook al worden andere huisgenoten hiervan wakker.

Je kind wordt ‘s morgens te vroeg wakker, omdat hij overdag te veel slaapt.

Oplossing: Misschien moet er overdag een slaapje af, of moet je het middagdutje van je kind vervroegen. Als je kind echt nog een slaapje overdag nodig heeft is het beslist geen goed idee om dit eraf te halen. Want te weinig slaap verergert juist het probleem.

Je kind wordt te vroeg wakker door omgevingsgeluiden. In de vroege ochtend slaapt je kind minder vast dan de eerste helft van de nacht. Het kan zijn dat hij dan door omgevingsgeluiden wakker wordt.

Oplossing: Probeer zoveel mogelijk rekening te houden met eventuele omgevingsgeluiden. Als er iemand vroeg op moet staan zou diegene zich beneden aan kunnen kleden, naar het toilet gaan en dergelijke. Als de geluiden van de buren komen kan je het probleem aan de buren vertellen en vragen of hier rekening mee gehouden kan worden. Komen de geluiden van buiten dan kan je nagaan hoe je dit kan oplossen: andere kamer, geluidsisolatie, raam dicht en ventilatie op een andere manier bijvoorbeeld naastgelegen kamer raam open en deur op een kier

Alles wat je doet om te proberen of het slaapprobleem verholpen kan worden moet je enkele dagen tot 2 weken proberen. Dan pas kan je de visuele cirkel namelijk doorbreken. Het kost in het begin juist wat meer energie, daarna zal je er zeker profijt van hebben. Je kind en dus ook zijn ouders zullen beslist een betere nachtrust hebben.

12.8 Verstoort dag/nachtritme

Als je kind overdag veel en lang slaapt en ‘s nachts juist minder goed zal het dat een probleem zijn. Je kind heeft dan een verstoort dag- en nachtritme.  Wat moet je doen?

Onze biologische klok is afgestemd op het daglicht. Wij reageren op het opkomen en ondergaan van de zon. 

  • Laat hem ‘s morgens tot uiterlijk 8 uur slapen. Doe meteen in het hele huis de gordijnen open. Zorg ook op donkere dagen voor voldoende licht binnen. 
  • Je kind moet overdag voldoende zonlicht krijgen. Dus moet hij veel naar buiten, ook met minder mooi weer. Neem hem mee naar de winkel, neem hem mee met het uitlaten van de hond. Ga samen op pad, naar het bos of de speeltuin. 
  • Als je kind overdag te lang slaapt moet je zijn kamertje niet helemaal donker maken, maar alleen schemerig. tegen de tijd dat hij wakker moet worden doe je de gordijnen al helemaal open. 
  • Wordt je kind s’nachts wakker, dan blijf je op zijn kamer en doe je alleen een schemerlampje aan.
  • Als hij nog een luier draagt moet je hem ‘s nachts alleen verschonen als dat echt nodig is. 
  • Herhaal ‘s nacht 1 of 2 bedrituelen bijvoorbeeld liedje, kusje en welterusten.

Op deze manier kan je je kind leren om ‘s nachts goed te slapen. Zo is hij overdag geconcentreerder, vrolijker, minder snel boos en heeft hij overdag minder slaap nodig.

13 Kan je kind ook te lang slapen?

Als je kind langer slaapt dan gemiddeld is dit bijna nooit een reden tot zorg. Observeer je kind: Is hij actief, nieuwsgierig en vrolijk als hij wakker is? Ziet hij er fris en gezond uit? Krijgt hij voldoende gezonde voedingsstoffen binnen tijdens het eten? Als dit alles okay is hoef je je dus geen zorgen te maken. Als je ziet dat je kind lusteloos is, snel huilt of gedragsproblemen heeft, is het verstandig om naar het consultatiebureau te gaan of naar de huisarts. 

14 Slaaptraining: laten huilen?

Geen enkele ouder heeft een goed gevoel bij het laten huilen van hun kind.

Onder slaaptraining wordt verstaan, het laten huilen van een baby of kind tot het vanzelf in slaap valt. Dit zou je dan verschillende nachten vol moeten houden. Op deze manier zou je kind steeds korter huilen, totdat hij niet meer huilt. 

Je zal begrijpen dat dit niet goed is voor je kind. Stel je voor: Je kind voelt zich niet fijn: verlaten, eenzaam, bang, verdrietig, onveilig…. Zijn natuurlijke reactie is: huilen. Als er niet op zijn huilen gereageerd wordt zal hij in paniek raken en harder gaan huilen. Iedere ouder zal het moeilijk vinden om zijn kind te laten huilen, hoe moe je ook bent. Ons gevoel zegt dat we ons kind moeten troosten. Waarom zouden we dat dan niet gaan doen? Omdat we vrienden hebben waarvan hun kind al lang door slaapt? Of zijn we bang dat we ons kind verwennen? Misschien ben je wel ten einde raad zijn en zijn de gebroken nachten een groot probleem geworden…

Allemaal goede redenen, maar voor ons kind beslist niet goed. Leef mee met je kind, troost het, blijf bij je kind totdat het in slaap gevallen is. Deze manier kost in het begin meer tijd, maar levert zoveel meer op. Je kind zal weten dat hij zich op jou kan vertrouwen, leert dat hij zijn gevoelens met jou kan delen, leert door getroost te worden, hoe hij zelf kan troosten en hoe hij zijn gevoelens kan verwerken.

15 Geen slaaptraining, maar wat dan….

Zoals je in bovenstaande hoofdstukken hebt kunnen lezen, is het belangrijk dat je kind al wat slaperig is, voordat je hem in bed legt. Hoe wordt hij slaperig?

  • Observeer hem goed zodat je zijn slaap signalen herkent.
  • Het laatste half uur voor bedtijd in ieder geval geen schermtijd meer!
  • Door enkele bedrituelen zal je kind het slaaphormoon melatonine aan gaan maken, zodat hij al slaperig wordt.
  • Leg je kind slaperig, maar wel wakker in bed.
  • Blijf nog even in de buurt van zijn bed, ruim bijvoorbeeld de was op of maak de badkamer schoon. Op deze manier zal hij zijn bed als veilig en geborgen ervaren.
  • Als hij huilt, troost hem dan en herhaal een bedritueel.
  • Als hij je roept, ga even naar hem toe en maak hem duidelijk dat je in de buurt bent.
  • Zorg dat jezelf voldoende slaap krijgt. Wissel de nachtdiensten met je partner, roep de hulp in van opa en oma, doe overdag een powernap en laat de boel even de boel. 

16 Slaapregressie 

Je kind sliep eerst een periode goed, maar heeft nu enkele nachten slaapproblemen. Dit wordt een slaapregressie genoemd. De oorzaak moeten we zoeken in zijn dagelijks leven. Jonge kinderen ontwikkelen zich met sprongen: omrollen, kruipen, staan, lopen, taalontwikkeling, sociale ontwikkeling,…. Tussen 2 van deze ontwikkelingssprongen zit vaak een periode van slecht slapen. 

Als je kind wat ouder is zal hij meer indrukken krijgen. Zo is bekend dat het naar de basisschool gaan zoveel indrukken geeft, dat veel kinderen slechter gaan slapen. Denk ook aan het krijgen van een babybroertje of -zusje, of Sinterklaastijd, of verjaardag. Dit zijn allemaal periodes van veel indrukken en een veranderd dagritme, zodat er slaapproblemen kunnen ontstaan. Weet dat dit tijdelijk is, ga een stapje terug door je kind weer veiligheid te bieden, zodat hij snel weer in zijn goede slaapritme zit.

17 Slaapdagboek

Het bijhouden van een slaapdagboek is erg nuttig als het slapen een probleem wordt. In een speciaal schriftje vul je dagelijks de volgende punten in:

  • Welke bedrituelen?
  • Hoe laat naar bed?
  • Hoe lang duurde het inslapen?
  • Op welke tijd nachts wakker?
  • Wanneer sliep je kind weer in en hoe lang huilde hij?
  • Wat was je oplossing?
  • Hoe laat weer wakker?
  • Welke tijd weer inslapen?
  • Hoe lang huilen?
  • Wat was je oplossing?
  • Hoe laat ‘s morgens wakker?
  • Huilend wakker of niet?
  • Hoe laat eerste maaltijd?
  • Welke tijd een eventueel slaapje overdag?
  • Hoe laat het eventuele middagdutje uit?
  • Heeft je kind overdag genoeg energie?
  • Kan hij zich overdag voldoende concentreren?
  • Heeft hij overdag zelfvertrouwen of is hij snel van slag?
  • Merk je verschillen op bepaalde dagen?

Zo’n slaapdagboek bijhouden kost wat tijd, maar het is het werk beslist waard! Vaak zie je al na enkele dagen een patroon. Zo zou je op kunnen merken dat je kind, het naar bed gaan,  enorm rekt en op deze manier al weer over de periode van slaperig zijn heen is, als hij uiteindelijk in bed ligt. Of je merkt op dat hij ‘s nachts eigenlijk niet zo lang huilt als jezelf gedacht had. Het kan ook zijn dat je merkt dat jezelf teveel en te kort verschillende oplossingen probeert, zodat je kind niet weet waar hij aan toe is. Soms merken ouders op dat kinderen het weekend beter slapen, of juist na een dag kinderopvang slechter slaapt.

Een slaapdagboek brengt inzicht in de slaapproblemen. 

18 Bij ouders slapen

Er zijn ouders die er voor kiezen om bovenstaande oplossingen niet te proberen. Sommige ouders hebben misschien wel het een en ander geprobeerd, maar had het geen resultaat, of konden ze het niet volhouden. Er zijn ook ouders die het geen probleem vinden om hun kind op de ouderslaapkamer te laten slapen, of zelfs bij hun in bed. In sommige culturen is het heel normaal dat kleine kinderen bij hun ouders slapen.

We weten natuurlijk dat je niet je baby bij je in bed moet laten slapen. Daar zijn mooie co-sleepers voor. (bedjes die je naast je eigen bed kan schuiven, zodat je baby vlak bij je is en toch veilig ligt.) Op deze manier is je kind dicht bij papa en mama en voelt hij zich veilig. Hierdoor wordt hij misschien minder snel wakker en als hij wakker wordt voelt hij zich snel getroost, waardoor hij makkelijker weer in zal slapen.

Het samen slapen is goed is voor de hechting tussen ouder en kind. Hechting is belangrijk voor de emotionele, sociale en verstandelijke ontwikkeling.

19 Bed rituelen

Bedrituelen zijn super belangrijk voor baby’s, dreumesen, peuters, kleuters, schoolkinderen en zelfs pubers! Een bedritueel is een vast ritueel van rustige activiteiten voor het naar bed gaan. Het is erg belangrijk dat dit rustige activiteiten zijn. Het belangrijkste doel is dat het lichaam van je kind het ritueel herkent en al begint met het aanmaken van het slaaphormoon melatonine. Zo zal je kind slaperig zijn als je hem in zijn bed legt en zal hij makkelijk inslapen.

En de wolken, maan en sterren fluisteren heel zacht: slaap lekker de hele fijne nacht!

 Waaruit kan een ritueel bestaan?

slaapproblemen bij kinderen. Mama leest nog even voor.
  • stoppen met spelen en eventueel opruimen
  • tanden poetsen
  • pyjama aantrekken
  • voorlezen van een gezellig verhaaltje
  • slaapversje opzeggen
  • liedje zingen
  • knuffelen, maar niet kietelen en stoeien
  • andere gezinsleden welterusten wensen
  • knuffeldier pakken
  • in bed stoppen
  • aai over de bol
  • kusje
  • muziekje aan
  • welterusten wensen
  • deur dicht of op een kier

Het is beslist niet zo dat dit allemaal op deze manier moet. Ieder gezin kan zijn eigen ritueel hebben. Wel is het belangrijk dat er in ieder geval het laatste half uur niet meer naar een scherm, zoals televisie of tablet gekeken wordt. Schermen geven teveel prikkels aan de hersenen. Je kind kan deze voor het naar bed gaan niet meer verwerken. ook hebben schermen een bepaald licht dat juist het wakker zijn stimuleert.

Let ook op dat het bedritueel niet langer dan een half uurtje gaat duren. Kinderen zijn erg handig om het bedritueel te verlengen door nog een verhaaltje of nog een liedje, of nog een slokje water te vragen. Voor je het weet ben je een uur verder en is je kind in plaats van slaperiger juist meer wakker geworden.

20 Knuffels zijn goed voor de nachtrust

Mijn knuffels zijn moe en doen de oogjes toe

In de donkere nacht fluister ik heel zacht:

Ik ben nooit alleen met mijn knuffels om me heen.

Slapen met een knuffel geeft kinderen een veilig en beschermd gevoel. Knuffels bieden kinderen gezelligheid en troost. Waar moet je op letten?

  • Zorg dat een knuffel voor een baby absoluut veilig is. Er mogen geen deeltjes aan zitten, zoals knoopjes en oogjes die er ooit af zouden kunnen gaan. Ook moeten de naden stevig dicht zijn, zodat de vulling er niet uit kan.
  • Het is niet verstandig om bij pasgeborenen een knuffel in bed te doen. Het kan zijn dat de knuffel op een of andere manier op het gezicht van de baby komt en zo het ademhalen kan belemmeren.
  • De knuffel moet goed wasbaar zijn.
  • Probeer het zo te regelen dat je kind niet 1 specifieke knuffel heeft, waarmee hij kan slapen. Het is erg lastig als deze knuffel niet te vinden is.
  • Knuffels kunnen troost en veiligheid bieden.
  • Een kind is niet snel te oud voor een knuffel, want deze hoort bij zijn slaapritueel. Laat hem zelf bepalen wanneer hij er afstand van wilt doen. Er zijn zelfs nog volwassenen die met een knuffel slapen.
  • Een handige tip is om de knuffel een vertrouwd geurtje te geven. Dit kan doordat mama of papa de knuffel zelf overdag een poos bij zich draagt. Je kan er ook een heel klein beetje van mama’s of papa’s geurtje opspuiten. Geur is voor kleine kinderen erg belangrijk.
  • Vaak krijg je hele mooie knuffels als kraam- of verjaardagscadeautjes. Wees kritisch welke in bed mag bij je kind. Ze mogen niet te groot zijn en moeten 100% veilig zijn. De andere knuffels zijn mooi op de kast om naar te kijken.
  • Haal de knuffel uit het bed als je kleine kind slaapt en zet deze zichtbaar voor je kind buiten zijn bed.

21 Overgang van ledikant naar bed

Het kan behoorlijk gevaarlijk worden als je dreumes of peuter uit zijn ledikant gaat klimmen. Dit is dan het moment dat hij de overgang moet maken naar een groter peuterbed of zelf meteen naar een 1 persoonsbed. Ook is het verstandig om hem op dit moment geen slaapzak meer aan te trekken. Sommige kinderen kunnen hier prima mee schuifelen, maar er gebeuren toch ook veel ongelukjes, omdat je kind met een slaapzak overal aan kan blijven hangen.

Ook een reden voor de overgang naar een groter bed, is vaak dat er een babybroertje of -zusje verwacht wordt. De nieuwe baby zal dan in zijn ledikant moeten slapen.

Om je peuter niet het gevoel te geven dat zijn ledikant door de nieuwe baby ingepikt wordt, moet je al tijdig de overgang maken. Zet eerst het nieuwe bed op de plaats van het ledikantje op zijn oude (baby)kamer. Als hij nu na een periode gewend is aan zijn nieuwe bed, kan de overstap naar zijn nieuwe kamer gemaakt worden.

Er zijn lage hekjes te koop, die je half onder het matras schuift en die er voor zorgen dat je peuter niet uit zijn bed rolt. Je kan ook een deken naast zijn bed op de grond leggen als je bang bent dat hij tijdens het slapen uit bed rolt. Ook kan je een grote handdoek oprollen en deze aan de rand onder het matras leggen, zodat het matras aan deze kant iets hoger is.

22 Middagdutjes

Wie heeft het meeste het middagdutje nodig: het kind of zijn ouder?

22.1 Een pasgeboren baby 

Een pasgeboren baby heeft een 24 uurs ritme. Dit betekent dat hij dag en nacht totaal ongeveer 17 uur slaap nodig heeft. Hij zal dus meerdere slaapjes doen met overdag ongeveer 45 minuten tussen de dutjes. ‘s Nacht zullen de slaapjes langzamerhand langer worden met kortere momenten van wakker zijn.

22.2 Een baby van 3 maanden

Een baby van 3 maanden heeft in een etmaal ongeveer 15 uur slaap nodig. Overdag zal hij 3 slaapjes nodig hebben van ongeveer 2 uur. Hij zal dus de andere 9 uur ‘s nachts slapen met waarschijnlijk nog 1 of 2 momenten van wakker zijn.

22.3 Een baby van 6 maanden tot 1 jaar

Een baby van 6 maanden tot 1 jaar slaapt in een etmaal ongeveer 14 uur. Hij heeft overdag 2 slaapjes in totaal ongeveer 4 uur.

22.4 Een dreumes 

Een dreumes van 1 tot 2 jaar heeft 13 tot 14 uur slaap per etmaal nodig. Langzamerhand  heeft een dreumes nog maar 1 middagdutje nodig van 1,5 tot 2 uur.

22.5 Een peuter 

Een peuter van 3 tot 4 jaar heeft zo’n 11 tot 12 uur slaap per etmaal nodig. Langzamerhand gaat het middagdutje eraf. Ook hierin zijn grote verschillen. Sommige kinderen slapen rond de 2 de verjaardag al niet meer overdag, terwijl er ook peuters nog een dutje tussen de middag doen van 3 uur.

22.6 Een kleuter 

Een kleuter van 4 tot 6 jaar doet meestal geen middagdutje meer. Soms valt een kleuter ‘s middags nog op de bank in slaap, omdat hij op dat moment toch wel een slaapje nodig heeft. Als dit op een te laat tijdstip gebeurd kan het zijn dat je kleuter tegen de tijd dat het bedtijd is nog geen slaap heeft. Hij zal dan een uurtje later naar bed kunnen gaan.

23 Wat als je kind geen middagslaapje meer wilt doen?

Als je kind beslist nog een dutje nodig heeft is het handig om ook bij een middagslaapje een bedritueel te hebben, zodat je kind al slaperig wordt als je hem in bed legt. Het is goed om enkele van dezelfde activiteiten in dit ritueel te hebben. Maak het niet te lang, want anders ben je langer bezig met het naar bed brengen, dan dat hij slaapt.

Hoe heerlijk is het voor een ouder om overdag even tijd voor jezelf te hebben. Op momenten dat je kind een middagslaapje doet, heb je tijd voor jezelf en voor zijn eventuele broertje of zusje. Vaak vinden ouders het dan ook jammer dat hun kind geen middagdutje meer nodig heeft. Een goede oplossing is om toch rond het moment dat je peuter naar eerst bed ging een moment van rust te creëren. Dit kan je eenvoudig doen met wat duidelijke regeltjes:

  • Zorg dat je wat speelgoed hebt, waar je kind graag mee speelt, maar dat alleen voor deze pauze is.
  • Zeg dat hij hier alleen mee mag spelen en dat mama, of papa even uitrust.
  • Pak een boek of tijdschrift en laat je niet afleiden door je kind.
  • Probeer niet te reageren op vragen van je kind, want jij hebt pauze.

Duplo is ideaal speelgoed waar je kind een tijd alleen mee zal spelen. Hij kan zijn fantasie kwijt door te bouwen en te creëren. Maar kan de wereld om hem heen ook naspelen en zelfs andere situaties fantaseren.

Na een paar keer zal je peuter hieraan gewend zijn en zal hij een periode zelf kunnen spelen, zodat jij je moment van rust kan hebben. Geef hem na afloop een knuffel en een compliment. Zet het speelgoed weer weg voor de pauze van de volgende dag. Ga samen iets doen, bijvoorbeeld naar buiten of een spelletje.

24 Middagdutje overslaan

Naarmate je  peuter ouder wordt zal het steeds vaker voorkomen, dat het middagslaapje niet meer lukt. Soms heeft hij misschien in de auto al even geslapen, soms op de terugweg van de supermarkt in de buggy. Je krijgt hem dan met geen mogelijkheid meer in bed. Ga dan samen op de bank pauze houden, lees een prentenboekje voor en laat hem spelen met klei of speeldeeg, want dat ontspant. Als hij ‘s avonds eerder moe wordt, is het een uurtje eerder bedtijd.

Het zal steeds vaker gebeuren dat je kind tussen de middag niet meer zal slapen. Soms ben je dan langer bezig met hem in slaap te krijgen, dan dat je er profijt van hebt. Accepteer dat nu de periode van middagdutjes voorbij zijn en houd samen pauze op bovenstaande manier.

Er zijn ook kleuters die al op de basisschool zitten, die beslist even  moeten bijtanken. Alle dagen naar school vraagt veel energie. Vraag of hij een middagje thuis mag blijven. Zo kan hij een extra dutje doen in bed of op de bank.

25 Slaapproblemen in de verschillende leeftijdsfases

25.1 Baby

Het eerste half jaar kan je niet anders dan het ritme van je baby volgen. Hij heeft meestal de nachtvoedingen nog nodig en als hij eventueel wel zonder de voeding kan, heeft hij vaak even contact nodig. Een baby van deze leeftijd weet niet dat, als hij jou niet ziet en zich eenzaam voelt, je er toch nog wél bent. Hij kan zich dan echt verlaten voelen.

Na het eerste half jaar kan je proberen zijn dag- en nachtritme aan te passen. Door hem veiligheid te bieden en te troosten wanneer hij daarom vraagt geef je hem vertrouwen. Op deze manier kan hij zich goed  ontwikkelen. Zorg dat jezelf voldoende slaap krijgt, door vroeg naar bed te gaan en overdag als het enigszins kan een powernap te doen.

25.2 Peuter

Een kind van ongeveer 2 of 3 jaar heeft vaak een periode wat we de ‘peuterpuberteit’ noemen. Het heeft zijn eigen identiteit leren kennen en gebruikt dit door regelmatig dwars te zijn en dus ook vaak ‘nee ’te zeggen. Je begrijpt dat dit ook gaat gebeuren bij het naar bed brengen. Geef duidelijkheid door te vertellen wat er gaat gebeuren, geef structuur door, net als anders, de bedrituelen te volgen. Maak geen machtsstrijd van het naar bed gaan, maar geef ook nu je kind een gevoel van veiligheid.

25.3 Kleuter

Er verandert veel in het leven van een kind van 4 jaar. Alle dagen naar school, vriendjes maken en/of ruzie krijgen. Op school worden er andere dingen van hem gevraagd, zoals op de beurt wachten, concentratie, taakjes, er wordt cognitief meer van hem verwacht, hij gaat bij vriendjes spelen, enzovoort. Dit zijn allemaal nieuwe ervaringen die verwerkt moeten worden. Deze ervaringen worden tijdens de slaap verwerkt en opgeslagen. Het kan dus zijn dat je kind tijdens deze fase onrustiger is en slechter slaapt door bijvoorbeeld veel te dromen. Ook nu is de oplossing een tijdelijk stapje terug te doen en je kind vooral veiligheid bieden. 

25.4 Schoolkind

Van een schoolkind wordt op cognitief gebied veel verwacht. Dit kan een te grote druk opleggen. Voor het kind zelf is het sociale aspect erg belangrijk: het ‘bij de groep horen’. Kinderen van deze leeftijd kunnen al piekeren over wereldproblematiek, zoals het klimaat en discriminatie. Ook maken ze lichamelijke veranderingen door. Ze komen in de prepuberteit. Het is belangrijk dat je voldoende tijd maakt voor je kind. Onderneem samen activiteiten, zoals winkelen, spellen spelen, maar ook samen tv kijken. Heb tijdens deze activiteiten gesprekjes met je kind, zodat je weet wat er speelt en je kind niet met problemen naar bed gaat.

25.5 Puber

In de puberteit verandert er veel voor je kind. Pubers reageren emotioneel en gevoelig. Ze hebben hun impulsen niet zo goed onder controle, waardoor ze niet goed aan de gevolgen van hun gedrag denken. Pubers kunnen moeilijk plannen, terwijl dit wel van hen gevraagd wordt. Ze leren hun seksualiteit verder kennen. Kortom er gebeurt heel veel in het leven van een puber. Zoveel dat ze juist meer slaap nodig hebben dan jongere kinderen.

De werkelijkheid is dat pubers vaak later naar bed gaan en er dus ‘s morgens moeilijk uit bed te krijgen zijn. Hoe belangrijk is het dat ouders weten waar hun puber mee bezig is. Bespreek de grenzen met je puber, geef hem vrijheid waar het kan, maar leg gevolgen van bepaald gedrag uit. Bespreek ook zijn schermtijd en gebruik van social media. Bedtijd is beslist geen schermtijd, wees hier duidelijk in! Veel pubers willen hun gebrek aan slaap in het weekend inhalen door lang uit te slapen. Spreek hier ook regels over af, want juist voor pubers is een regelmatige dagindeling super belangrijk.

26 Baby-, kinder- en studeerkamer

26.1 De Babykamer

Een babykamer moet aan verschillende eisen voldoen. (babykamer inrichten)

  • Gebruik veilige verf.
  • Gebruik rustige kleuren. Het is bewezen dat kleuren invloed hebben op het welbevinden.
  • Leg geen los vloerkleed op de grond, waar je met je baby in de arm over kan struikelen.
  • Gebruik een veilig wiegje of ledikantje.
  • Gebruik geen dekbed, maar dekens en lakens.
  • Maak het bedje zo op, dat je baby niet naar het voeteneinde van het bedje kan schuiven. Sla het laken halverwege het bed dubbel, zodat je baby niet verder onder de dekens kan schuiven. kan schuiven.
  • Pas op dat je baby het niet te warm in bed kan krijgen. Een pyjama én een slaapzak en dekens kan teveel zijn. Let ook op het materiaal van het beddengoed. Katoen reguleert de warmte beter. 
  • Knuffels op een schap of op de kast, liever niet in bed.
  • Gebruik verduisterende gordijnen, zodat je baby ‘s morgens niet door het ochtendlicht te vroeg gewekt wordt en ‘s avonds als het buiten nog licht is, toch lekker in kan slapen.
  • Een commode met aankleedkussen en benodigde spulletjes direct bij de hand is handig en veilig.
  • Er moet goed geventileerd kunnen worden.
  • Verlichting die je kan dimmen is erg handig als je ‘s nachts naar je kindje moet en niet het grote licht aan wilt doen.
  • Zet kasten ook vast aan de wand, zodat ze nooit om kunnen vallen.
  • Is er veel geluid te horen in de babykamer? Kijk hoe je dit kan beperken. Je baby heeft 9 maanden alleen gedempte geluiden gehoord in de baarmoeder en kan wakker schrikken van schel en hard geluid.
  • Is de babykamer groot genoeg voor een extra stoel, dan is dat handig om je kindje daar ’s nachts te kunnen voeden.
  • Kijk eens rustig rond in de kamer. Staat het niet te vol? Straalt het kamertje rust uit? Ga ook eens op de grond zitten. Zie je scherpe hoeken en randjes en spulletjes die los kunnen. Daar kan je kind zich later aan bezeren, als hij rond kruipt.
  • Wil je je baby op jullie eigen kamer laten slapen, dan is een co-sleeper een veilig wiegje. Je kindje is slechts een armlengte van je verwijderd, zodat jij, maar vooral je baby heerlijk zal slapen.

26.2 De kinderkamer

Ook de kinderkamer moet natuurlijk veilig zijn. Tot je kind 2 jaar is wordt er geadviseerd hem niet onder een dekbed, maar onder een laken en deken te laten slapen. Ook  is het veiliger om onder de 2 jaar geen kussen te gebruiken.

Een kinderkamer kan wel veel persoonlijker zijn, omdat je kind inspraak kan hebben hoe zijn kamer ingericht zal worden. Hij zal het leuk vinden om een mooie tekening van zichzelf op te hangen. Ook is het leuk om bijvoorbeeld enkele lego of duplo bouwwerkjes toon te stellen op zijn kamer. Is de kamer groot genoeg dan zou het fijn zijn om een kast te plaatsen waar speelgoedkisten in kunnen.Misschien wil hij zijn naam op de kamerdeur, kan hij die al zelf schrijven? Op deze manier voelt hij zich hier thuis en veilig.

Het is belangrijk dat je kind wel leert om zijn kamer op te ruimen. Eerst doe je het samen met je peuter en geef je kleine opdrachten: Ik ruim de blokken op en jij doet alle auto’s in deze kist! Als je kind ouder wordt kan en moet je meer van hem verwachten. Hij kan zelf dagelijks de was naar de badkamer brengen en eens in de week zijn slaapkamer opruimen, eerst samen met een ouder, maar vanaf 8 jaar kan hij dat beslist al alleen.

26.3 De puberkamer

Nu wordt het tijd dat de slaapkamer ook een studeerkamer wordt. Vaak willen kinderen van deze leeftijd een hoogslaper, waar dan onder het bed een bureau gemaakt kan worden. Dit is een goede oplossing als er weinig ruimte is. Een bureau kan ook op een andere plaats in de kamer staan waar weinig afleiding is. 

Je moet samen met je puber de regels over de inrichting bepalen. Mag hij beslissen welke kleur er op de muur komt? Waarschijnlijk komt er een laptop op zijn bureau, maar wat zijn de regels daarover?  Pubers willen graag zelfstandig zijn en hun eigen regels bepalen, daarom is het goed om duidelijke afspraken te maken. Hij bepaalt de inrichting en welke platen en posters en op de muren komen. In overleg met de ouders worden de regels over huiswerktijden en schermtijden gemaakt. Ook is je puber verantwoordelijk voor het opruimen van zijn kamer, zijn was naar de badkamer brengen en eens in de week het beddengoed afhalen.

Je moet als ouder niet zonder meer de slaapkamer van je puber inlopen. Hij heeft op deze leeftijd recht op privacy. Je kan wel een moment afspreken dat je komt controleren. Als je hem moet spreken is het fijn voor je kind dat je even laat weten dat je eraan komt door bijvoorbeeld op zijn deur te kloppen.  

27 Slaaptips bij slaapproblemen

Wie vroeg wilt opstaan, moet op tijd naar bed gaan.

Veel oplossingen zijn al genoemd maar hier komen alle tips nog op een rijtje:

  • Voldoende beweging en buitenlucht overdag zorgen voor een betere nachtrust.
  • Zorg voor rust en ontspanning aan het einde van de dag.
  • Vaak werkt een bad of douche met wat lavendel extract. Dit ontspant.
  • Een bedritueel zorgt voor een rustige afsluiting van de dag. 
  • Zorg dat je overdag tijd gehad hebt voor gesprekjes, zodat er voor het naar bed gaan geen moeilijke onderwerpen meer ter tafel komen.
  • Als je kind ‘s nachts wakker wordt blijft hij op zijn kamer, herhaal je 2 bedrituelen en houd je het kort.
  • Als je een oplossing wilt uitproberen moet je dit 1 tot 2 weken volhouden. Het duurt even voordat dit werkt. Wees consequent!
  • Je kan er ook voor kiezen om je jonge kind bij je op de kamer te laten slapen, dit geeft een veilig gevoel.
  • Laat hem niet lang huilen, als hij problemen heeft om in de volgende slaapfase te komen kan je ook even zonder praten bij zijn bed gaan staan en over zijn rug wrijven tot hij stil wordt.
  • Leg je kind slaperig, maar wakker in bed.
  • Let op de slaap-symptomen, zodat je kind niet oververmoeid naar bed gaat.
  • Geef op tijd aan dat je kind bijna naar bed gaat. Nog 5 minuten spelen en dan samen opruimen. Hierna begint het slaapritueel.
  • Houd het slaapritueel simpel.
  • Geen schermtijd het laatste half uur voor het naar bed gaan.
  • Ga na waarom je kind niet in slaap kan komen. Het kan zijn dat je kind het afscheid wilt uitstellen en daarom telkens wat nieuws verzint. 
  • Bang in het donker, laat een lichtje aan en bespreek met je kind wat hij ziet of hoort. 
  • Verlatingsangst, blijf tijdens het inslapen in de buurt.
  • Vet eten is moeilijk te verteren en kan voor slaapproblemen zorgen.
  • Weet dat bij belangrijke veranderingen in het leventje van je kind tijdelijke slaapproblemen kunnen ontstaan.
  • Zorg dat jezelf voldoende rust krijgt, zodat je geduldig en consequent kan blijven.
  • Vraag hulp aan partner, oma en opa en het consultatiebureau, want het kunnen zware tijden zijn.
  • Zorg voor een goede geventileerde slaapkamer. De ideale slaapkamertemperatuur voor een pasgeborene is 20 graden Celcius, maar voor oudere baby’s en kinderen is de ideale slaapkamertemperatuur tussen de 16 tot 18 graden Celsius. Je kan controleren of je baby het niet te warm of koud heeft door zijn nekje te voelen en zijn voetjes.
  • Een verzwaringsdeken zou je kind een veilig gevoel geven en hem helpen zijn prikkels beter te verwerken. Vooral kinderen met ADHD of kinderen die hoogsensitief zijn zouden hier baat bij hebben. Als je van plan bent om een verzwaringsdeken te gebruiken moet je eerst een professional raadplegen. De deken mag niet te zwaar zijn, je kind moet oud genoeg zijn (rond 3 jaar of ouder), je kind moet de verzwaringsdeken makkelijk zelf van zich af kunnen halen, de deken moet niet te warm zijn en natuurlijk goed te wassen zijn.

28 Stress door gebroken nachten

Tijdens een goede nachtrust komen lichaam en geest tot rust. Dit geldt niet alleen voor onze kinderen, maar zeker ook voor de ouders. Vooral ouders van jonge kinderen moeten overdag voldoende energie hebben om een ontspannen opvoeder te zijn. Stress in het gezin heeft veel negatieve gevolgen zoals: ruzie tussen ouders, ouders die niet geduldig kunnen zijn, onzekere kinderen, veel ruzie tussen de kinderen, opstandig gedrag van de kinderen. Zie mijn blog: opvoedingstress.

Er kunnen altijd wel periodes ontstaan, waarin je kind slecht slaapt. Denk aan verkouden zijn, spannende tijd (Sinterklaas, verjaardag…) problemen met vrienden, enzovoort. Weet dat deze periode weer voorbij gaat. Los je gebrek aan slaap op, door hulp te vragen en af en toe een powernap te doen.

29 Veel gestelde vragen:

29.1 Wat te doen tegen slaapproblemen kind?

Probeer ook met slaapproblemen relaxt mee om te gaan. Dat zal niet altijd makkelijk zijn, vooral als je zelf dus ook al langere tijd slecht slaapt. Maar weet, hoe groter je het probleem maakt, hoe moeilijker het wordt om op te lossen. Als eerste moet je op 1 of andere manier er voor zorgen dat jezelf redelijk uitgerust bent. Maar een rooster met je partner, of vraag de hulp van vrienden en familie, zodat je toch af en toe een nacht voldoende uren kan slapen.

De volgende stap is rustig enkele tips minimaal 14 dagen uit te proberen. Je zult zien, doordat jezelf relaxten duidelijk kan zijn de slaapproblemen op zullen lossen.

29.2 Heeft mijn kind een slaapstoornis?

Een slaapprobleem wordt pas een slaapstoornis, als je kind er overdag ook problemen door ondervindt. Kinderen die slaapstoornissen hebben kunnen verschijnselen hebben, die lijken op ADHD, zoals problemen met de concentratie en druk gedrag. Maar ook aspecten als geheugenverlies en moeilijkheden met inschattingsvermogen komen voor. Verder kunnen kinderen met een slaapstoornis vaak achter in de groei blijven.

Stress en spanningen kunnen ook bij kinderen tot een slaapstoornis lijden. Denk aan pesten, faalangst, het scheiden van de ouders,…

Ook traumatische gebeurtenissen, bijvoorbeeld een ongeluk, het overlijden iemand, een inbraak, maar ook incest kunnen tot slaapstoornissen lijden.

29.3 Hoe vaak komen slaapproblemen voor bij kinderen?

Slaapproblemen bij kinderen komen meer voor dan je denkt. Vaak gaan ouders met deze problemen niet naar de dokter of het consultatiebureau.

Van alle kinderen tot 16 jaar heeft 1 op de 10 een slaapprobleem. Van alle kinderen onder de 6 jaar heeft 1 op de 4 wel een periode met slaapproblemen.. Bij kinderen met een aandoening van de hersenen komen slaapproblemen nog veel vaker voor, gemiddeld bij 1 op de 2 tot 3 kinderen.

29.4 Hoe kan je snel in slaap vallen als kind?

Hier nog even de belangrijkste punten op een rijtje:

  • Overdag veel buitenlucht en beweging buiten.
  • Probleempjes moeten voor bedtijd al besproken zijn
  • Minsten een half uur voor bedtijd, geen schermtijd meer!
  • Een gezellig en rustig slaapritueel, zodat het slaaphormoon al wordt aangemaakt.

Ook telkens strijd over de schermtijd van je kind? Deze Gametimer:
•Behoedt kinderen tegen langdurig schermgebruik
•Geeft ouders inzicht in de gebruikte schermtijd (statistieken)
•Maakt een einde aan onnodige discussies tussen ouders en kinderen
•Zorgt ervoor dat afspraken over schermtijden worden nageleefd
•Leert het kind om schermtijd zelf beter te organiseren

Deze stoplicht-timer laat je kind weten wanneer zijn schermtijd bijna en helemaal afgelopen is. Deze schermtijd kan zelf ingesteld worden.

30 Voorbeelden van liedjes en versjes

(te gebruiken bij het slaapritueel)

Bij het bedritueel kan een rustig liedje of versje horen. Door juist iedere avond hetzelfde liedje te zingen, of hetzelfde versje op te zeggen ben je voorspelbaar en help je je kind in slaap te vallen.

Stel je voor: je hebt samen met je kind even het speelgoed opgeruimd. Je kind heeft de pyjama aan, tanden gepoetst en handen en gezicht gewassen. Je hebt beneden op de bank boekje voorgelezen en nu breng je je kind naar bed. Even andere gezinsleden welterusten wensen en naar boven toe. Je stopt je kind lekker onder de dekens en terwijl je het grote licht uitmaakt zing je een liedje, of zeg je een versje op. Je geeft nog een aai over het bolletje en als het liedje, of versje uit is geef je een kusje en zeg je: ‘Welterusten’.Je gaat nu zijn kamer uit en sluit de deur, of laat de deur op een kier.

29.1 Liedjes

Als je het liedje niet kent, kan je natuurlijk meezingen met het liedje op internet. Zet je smartfoon zacht, zodat je kind voornamelijk jouw stem hoort. Op deze manier leer je al snel het liedje. Bij een bedritueel zing je 1 keer, iedere avond hetzelfde liedje.

Ik zag 2 beren

Ik zag 2 beren, broodjes smeren.

O, dat was een wonder,

‘t was een wonder, boven wonder,

dat die beren smeren konden.

Hi, hi hi, ha, ha, ha,.

Ik stond erbij en ik keek ernaar!

Schaapje heb je witte wol

Schaapje, schaapje, heb je witte wol?

Ja baas, ja baas, 3 zakken vol.

1 voor de meester en 1 voor zijn vrouw,

1 voor het kindje, dat bibbert van de kou.

Schaapje, schaapje, heb je witte wol?

Ja baas, ja baas, 3 zakken vol.

Hansje, pansje kevertje

Hansje, Pansje Kevertje, die klom eens op een hek.

Neer viel de regen, die spoelde Hansje weg.

Op kwam de zon, die maakte Hansje droog.

Hansje Pansje Kevertje, die klom toen weer omhoog.

Onder hele hoge bomen

Onder hele hoge bomen, in een groot kabouterbos,

staat een heel klein aardig huisje, zomaar midden op het mos.

Ik zou er graag in willen wonen, maar ik ben toch veel te groot.

‘t Is gemaakt voor de kabouters, jasjes blauw en mutsjes rood.

Als het donker is geworden, is dat helemaal niet naar,

want dan zitten de kabouters zo gezellig bij elkaar.

Ieder zit dan op een stoeltje, met een kaarsje in de hand.

Ja dan is het zo gezellig in Kaboutersprookjesland.

Slaap kindje slaap

Slaap kindje slaap, daar buiten loopt een schaap.

Een schaap met witte voetjes,

die drinkt de melk zo zoetjes.

Slaap kindje slaap, daar buiten loopt een schaap.

Dit zijn mijn wangetjes

Dit zijn mijn wangetjes en dit is mijn kin.

Dit is mijn mondje, met tandjes erin.

Dit zijn mijn oortjes, mijn ogen, mijn haar.

Nu nog mijn neusje en dan ben ik klaar.

Elke avond voor de spiegel, lach ik naar mijn gezicht

Lekker in bedje gaan mijn oogjes dicht.

Dag kleine wangetjes, dag kleine kin.

Dat zegt mijn mondje met tandjes erin.

Dag kleine voetjes, waarop ik kan staan

Tot morgen, ik moet nu slapen gaan.

In de maneschijn

In de maneschijn, in de maneschijn,

klom ik op een trapje, door het raamkozijn.

Maar je raad het niet, maar je raad het niet.

Dit is een vogel en dit is een vis, 

dit is een duizendpoot die schoenenpoetser is.

En dat is 1 en dat is 2 en dat is lieve, lieve, lieve tante Kee.

Dat is recht en dat is krom en nu draaien wij het wieletje nog eens  om.

Rom, bom.

Ik heb zo waanzinnig gedroomd

Ik heb zo wa-wa- wa waanzinnig gedroomd.

Ik werd met ca- ca- ca- cadeaus overstroomd.

Iedereen riep: Hieperdepiep!

Daarna werd ik gekust en gekroond.

Ik heb zo wa-wa- wa waanzinnig gedroomd.

Ik werd met ca- ca- ca- cadeaus overstroomd.

Iedereen zei: Hou je van mij?

Wa-waanzinnig, maar heerlijk gedroomd.

Iedereen is anders

Heb je grote oren, of een kleine bril,

staartje in je haar omdat je moeder dat zo wil,

sproeten op je wang, een neus als een konijn?

Iedereen is anders en dat is juist zo fijn.

Heb je bruine ogen, of zijn ze donkerblauw,

Draag je gekke schoenen, die je eigenlijk niet wou,

Wiebel, wiebeltanden, welke zou het zijn?

Iedereen is anders en dat is juist zo fijn!

29.2 Versjes

Een versje is een tekst, die je opzegt. Vaak zit er een bepaald ritme en rijm in, zodat het versje makkelijk te onthouden is. Je kan een liedje natuurlijk ook als versje opzeggen. Ook hierbij geldt: bij een bedritueel zeg je 1 keer, iedere avond hetzelfde versje op. Na een tijdje kan je natuurlijk ook een ander versje opzeggen.

Dit ben ik

Dit zijn mijn ogen en dit zijn mijn oren.

De 1 om mee te kijken, de andere om mee te horen.

Dit is mijn neus en dit is mijn haar, 

als ik erdoor wrijf dan zit het heel raar.

Dit is mijn buikje, dat schut als ik hik.

Dit is mijn lijfje, ja dit ben ik.

Een kusje

Een kusje hier, een kusje daar.

Op je wang, op je oor, in je nek, in je haar.

Nee wacht eens even, ik ben nog niet klaar!

Ik vind je zo lief, op je neus nog een paar.

Ga maar lekker slapen

Ga maar lekker slapen en doe je oogjes dicht.

Word je morgen wakker dan is het alweer licht. 

Ga maar lekker slapen en doe je oogjes toe.

Word je morgen wakker dan ben je niet meer moe.

Naar bed, naar bed

Naar bed, naar bed, zei Duimelot.

Eerst nog wat eten zei Likkepot.

Waar moet ik het halen zei Lange Lijs.

Uit grootmoeders kastjes zei Ringeling.

Dat ga ik verklappen zei het kleine ding.

Bibelebontse berg

Hier is de sleutel van de Bibelebontse berg. 

Op de Bibelebontse berg staat een Bibelebonts huis.

In dat Bibelebonts huis, wonen Bibelebontse mensen

en die Bibelebontse mensen, hebben Bibelebontse kinderen 

en die Bibelebontse kinderen, eten Bibelebonse pap 

met den Bibelebontse lepel, uit een Bibelebontse nap. 

Koen maak je mijn schoen

Koen maak je mijn schoen,

Ja juffrouw, ik zal het dadelijk doen.

Koen is mijn schoen al klaar?

Ja juffrouw, betaalt u maar.

Koen, ik heb geen geld ontvangen.

Nou dan blijft uw schoen daar hangen.

Dag Koen, Dag juffrouw zonder schoen.

Meneer Juttepeer en mevrouw Zoetekauw

Dag, meneer Juttepeer. Dag, mevrouw Zoetekauw.

Komt u even naast me zitten?

Wel mevrouw, zou ik dat doen. ik moet ook nog naar juffrouw Koen.

Ach vooruit het is nog vroeg, ik heb nog wel tijd genoeg.

Kijkt u toch eens naar die mussen.

Ja ze hippen overal tussen.

Weet u wat ik neem een taartje.

Wel dan rook ik een sigaartje. Nu ik moet er weer vandoor.

Dag, mevrouw het beste hoor!

Dag, meneer Juttepeer. Dag, mevrouw Zoetekauw.

Wat vond je van dit artikel?

Plaats reactie

Ik accepteer de Privacy Policy

Leer hoe je jouw kind kunt helpen bij zijn taalontwikkeling

Lees de eerste hoofdstukken nu gratis!

Your Header Sidebar area is currently empty. Hurry up and add some widgets.